Confessie Elsje Christiaens

Home / Bronnen / Confessie Elsje Christiaens    |    Terug
Confessie Elsje Christiaens
   
   
 
 
 
 
 
Transcriptie
Elsje Christiaanse van Sprouwen In Jutlant oudt 18 jaren segt hier niet meer als 14 dagen in de stadt geweest te sijn en hier gekoomen te sijn om een huur te soecken, bekent de vrouw daer sij ten huiyse geslapen heeft met een byl de cop in geslaagen te hebben, segt dat de vrouw een daalder aan slaapgelt wilde hebben en de dat sij haer goet daervoor soo lang wilden houden, en dat sij gevangenen geen gelt en hadden maer het eerst met wercken moste verdienen en dat daer over die questie Is gecoomen, segt dat de vrouw haer eerst met een stock sloech bekent de vrouw met de bebloede bijl in judicio vertoont in de cop gehackt te hebben, segt dat sij de bijl daer op een stoel vondt leggen, segt dat sij 2 hacken naer de vrous hooft gehaelt heeft doch niet te weeten of sij haer aen den arm of handt

Elsje Christiaens

In 1664 werd Elsje Christiaens in Amsterdam ter dood veroordeeld, omdat zij tijdens een ruzie haar huisbazin had vermoord met een bijl. In het Stadsarchief worden de stukken bewaard waarin haar bekentenis is opgetekend, de zogenaamde confessieboeken. Elsje was afkomstig uit 'Sprouwen', waarschijnlijk is dit het eiland Sprogø dat in het huidige Denemarken ligt. In de hoop een betrekking als dienstbode te vinden was ze naar Amsterdam gekomen. Bij een zogenaamde 'slaapvrouw' huurde ze een kamer. Toen de vrouw aan het einde van de maand de huur voor de kamer kwam innen, was Elsje niet in staat dit te betalen. Er volgde een woordenwisseling, waarbij de vrouw dreigde het kistje met bezittingen van haar huurder in beslag te nemen. Er onstond vervolgens een gevecht waarbij Elsje de vrouw sloeg met een bijl. De vrouw viel van de trap en bleef voor dood liggen. Elsje sloeg op de vlucht en stal hierbij ook nog een mantel van een andere gast. De buren waren echter al op het lawaai afgekomen en gingen Elsje achterna. In een wanhoopspoging te ontsnappen sprong ze in het Damrak, waarna ze opgepakt kon worden. Elsje werd veroordeeld en publiekelijk opgehangen op de dam. Haar lichaam werd vervolgens tentoongesteld op het galgenveld Volewijck als voorbeeld om anderen van misdaden te weerhouden.

Rembrandt 

Het treurige verhaal over Elsje is bekend geworden door twee tekeningen die Rembrandt van haar maakte. Rembrandt tekende haar terwijl ze tentoongesteld werd op het galgenveld Volewijck. Voormalig archivaris van het Stadsarchief juffouw I.H. van Eeghen identificeerde het meisje op de tekeningen als Elsje. Ze nam 25 jaar confessieboeken door en ontdekte zo dat de enige ter dood veroordeelde vrouw die in aanmerking kwam de Deense dienstbode Elsje Christiaens moest zijn.

 

Datering: 1664-04-28
Collectie: Confessieboeken 1535-1732
Nummer: Archieven van de Schout en Schepenen en van de Subalterne Rechtbanken, Inv.nr. 316, p. 83-85.
Link: https://archief.amsterdam/indexen/confessieboeken_1535-1732/zoek/query.nl.pl?i1=1&a1=christiaens&i2=4&x=26&X=1029&z=a#A21118000088
  Gerelateerde bronnen
  Onderdeel van thema's

Geschiedenislokaal Amsterdam

Confessie Elsje Christiaens

Tijdvak: De tijd van regenten en vorsten (1600-1700)


Omschrijving

Elsje Christiaens

In 1664 werd Elsje Christiaens in Amsterdam ter dood veroordeeld, omdat zij tijdens een ruzie haar huisbazin had vermoord met een bijl. In het Stadsarchief worden de stukken bewaard waarin haar bekentenis is opgetekend, de zogenaamde confessieboeken. Elsje was afkomstig uit 'Sprouwen', waarschijnlijk is dit het eiland Sprogø dat in het huidige Denemarken ligt. In de hoop een betrekking als dienstbode te vinden was ze naar Amsterdam gekomen. Bij een zogenaamde 'slaapvrouw' huurde ze een kamer. Toen de vrouw aan het einde van de maand de huur voor de kamer kwam innen, was Elsje niet in staat dit te betalen. Er volgde een woordenwisseling, waarbij de vrouw dreigde het kistje met bezittingen van haar huurder in beslag te nemen. Er onstond vervolgens een gevecht waarbij Elsje de vrouw sloeg met een bijl. De vrouw viel van de trap en bleef voor dood liggen. Elsje sloeg op de vlucht en stal hierbij ook nog een mantel van een andere gast. De buren waren echter al op het lawaai afgekomen en gingen Elsje achterna. In een wanhoopspoging te ontsnappen sprong ze in het Damrak, waarna ze opgepakt kon worden. Elsje werd veroordeeld en publiekelijk opgehangen op de dam. Haar lichaam werd vervolgens tentoongesteld op het galgenveld Volewijck als voorbeeld om anderen van misdaden te weerhouden.

Rembrandt 

Het treurige verhaal over Elsje is bekend geworden door twee tekeningen die Rembrandt van haar maakte. Rembrandt tekende haar terwijl ze tentoongesteld werd op het galgenveld Volewijck. Voormalig archivaris van het Stadsarchief juffouw I.H. van Eeghen identificeerde het meisje op de tekeningen als Elsje. Ze nam 25 jaar confessieboeken door en ontdekte zo dat de enige ter dood veroordeelde vrouw die in aanmerking kwam de Deense dienstbode Elsje Christiaens moest zijn.

 

Datering: 1664-04-28
Collectie: Confessieboeken 1535-1732
Nummer: Archieven van de Schout en Schepenen en van de Subalterne Rechtbanken, Inv.nr. 316, p. 83-85.
Link: https://archief.amsterdam/indexen/confessieboeken_1535-1732/zoek/query.nl.pl?i1=1&a1=christiaens&i2=4&x=26&X=1029&z=a#A21118000088