Confessie Elsje Christiaens  |
   
   
 
 
 
 
 
Transcription
oock heeft geraackt, segt dat de vrouw de besemstock in de handt hadde doen sij haer met de bijl queste, segt dat de vrouw in de kleene kelder vluchte doe sij gevan- genen had 2 hacken in de cop had gebracht segt haer niet gevolgt te hebben in de kelder oock daer niet nagesien te hebben of sij le- vendig of doodt was. Segt dat de vrouw geschreeuwt heeft sulx dat het de buren hoorden, in dat sij gevangenen doen voort de deur heeft opegedaan, en dat de buren haer vraagden hoe sij soo bebloed quam aen haer handen waerop sij seyde dat haer neus hadde gebloet, en dat sij doen de deur weer heeft toegesloten waerover op straet is geloopen en datter een deel volck haer vervolgde waerop sij door verbaestheijt int’ water sprong. segt dat sij dit fijt gedaan heeft dees ochtent de klock omtrent half acht. segt dat de vrou haer met de stock over t’ hooft en over de rug geslagen heeft. Segt dat de questie eygentlyck bij quam om dat de vrouw haer niet langer & wilde borgen segt dat sij dienthalven Gisteren avont oock questie gehadt hebben. Segt dat de man van de vrou is afgeloopen 14 dagen geleden. Actum 28 april 1664 presentib. De Heeren Schout, Burg, Blaew, van loon, capelle, spiegel en de bronchorst Schepenen.

Elsje Christiaens

In 1664 werd Elsje Christiaens in Amsterdam ter dood veroordeeld, omdat zij tijdens een ruzie haar huisbazin had vermoord met een bijl. In het Stadsarchief worden de stukken bewaard waarin haar bekentenis is opgetekend, de zogenaamde confessieboeken. Elsje was afkomstig uit 'Sprouwen', waarschijnlijk is dit het eiland Sprogø dat in het huidige Denemarken ligt. In de hoop een betrekking als dienstbode te vinden was ze naar Amsterdam gekomen. Bij een zogenaamde 'slaapvrouw' huurde ze een kamer. Toen de vrouw aan het einde van de maand de huur voor de kamer kwam innen, was Elsje niet in staat dit te betalen. Er volgde een woordenwisseling, waarbij de vrouw dreigde het kistje met bezittingen van haar huurder in beslag te nemen. Er onstond vervolgens een gevecht waarbij Elsje de vrouw sloeg met een bijl. De vrouw viel van de trap en bleef voor dood liggen. Elsje sloeg op de vlucht en stal hierbij ook nog een mantel van een andere gast. De buren waren echter al op het lawaai afgekomen en gingen Elsje achterna. In een wanhoopspoging te ontsnappen sprong ze in het Damrak, waarna ze opgepakt kon worden. Elsje werd veroordeeld en publiekelijk opgehangen op de dam. Haar lichaam werd vervolgens tentoongesteld op het galgenveld Volewijck als voorbeeld om anderen van misdaden te weerhouden.

Rembrandt 

Het treurige verhaal over Elsje is bekend geworden door twee tekeningen die Rembrandt van haar maakte. Rembrandt tekende haar terwijl ze tentoongesteld werd op het galgenveld Volewijck. Voormalig archivaris van het Stadsarchief juffouw I.H. van Eeghen identificeerde het meisje op de tekeningen als Elsje. Ze nam 25 jaar confessieboeken door en ontdekte zo dat de enige ter dood veroordeelde vrouw die in aanmerking kwam de Deense dienstbode Elsje Christiaens moest zijn.

 

Datering: 1664-04-28
Collectie: Confessieboeken 1535-1732
Nummer: Archieven van de Schout en Schepenen en van de Subalterne Rechtbanken, Inv.nr. 316, p. 83-85.
Link: https://archief.amsterdam/indexen/confessieboeken_1535-1732/zoek/query.nl.pl?i1=1&a1=christiaens&i2=4&x=26&X=1029&z=a#A21118000088
  Gerelateerde bronnen

Geschiedenislokaal Amsterdam


Omschrijving

Datering: 1664-04-28
Collectie: Confessieboeken 1535-1732
Nummer: Archieven van de Schout en Schepenen en van de Subalterne Rechtbanken, Inv.nr. 316, p. 83-85.
Link: https://archief.amsterdam/indexen/confessieboeken_1535-1732/zoek/query.nl.pl?i1=1&a1=christiaens&i2=4&x=26&X=1029&z=a#A21118000088