Nederduitse Academie

Home / Bronnen / Nederduitse Academie    |    Terug

Op 24 september 1617 werd in Amsterdam op de Keizersgracht een bijzonder gebouw geopend. Het was een houten gebouw met een grote zaal. Dit gebouw was bedoeld voor alle Amsterdammers die zich in kunst en wetenschap wilden onderwijzen. Ondanks dit ideaal van de oprichters, Bredero, Hooft en Coster, werd de school vooral gebruikt door de hogere middenstand. Alleen bij de toneelstukken waren ook Amsterdammers uit lagere klasse aanwezig.

De oprichters waren vroeger allemaal lid geweest van de Egelantier, een rederijkerskamer. Dit was een gezelschap voor allerlei schrijvers. Van gedichten tot toneelstukken. De leden van de Egelantier konden het niet eens worden over hun literaire discussies. Hierbij was de grootste discussie of schrijvers in het Nederlands of Latijn moesten schrijven. Bredero, Hooft en Coster waren van mening dat het goed zou zijn als er meer Nederlandse literatuur was. Zij verlieten daarom de rederijkerskamer en richtten de Nederduitsche Academie op.

De Nederduitsche Academie kreeg veel kritiek van de kerk. Hierdoor werd het moeilijker om mensen aan te trekken voor de lessen die ze gaven. Wel populair waren de toneelstukken. De kerk keurde ook deze toneelstukken af maar dat hield het publiek en de organisatie niet tegen. Zo werd de voornaamste functie van het gebouw eigenlijk een theater.

Maker: Philips Jacobsz., C. Verstegen, J.
Datering: 1617
Collectie: Collectie Atlas Splitgerber
Nummer: 010001000059
  Onderdeel van thema's

Geschiedenislokaal Amsterdam

Nederduitse Academie

Tijdvak: Tijd van regenten en vorsten (1600-1700)


Omschrijving

Op 24 september 1617 werd in Amsterdam op de Keizersgracht een bijzonder gebouw geopend. Het was een houten gebouw met een grote zaal. Dit gebouw was bedoeld voor alle Amsterdammers die zich in kunst en wetenschap wilden onderwijzen. Ondanks dit ideaal van de oprichters, Bredero, Hooft en Coster, werd de school vooral gebruikt door de hogere middenstand. Alleen bij de toneelstukken waren ook Amsterdammers uit lagere klasse aanwezig.

De oprichters waren vroeger allemaal lid geweest van de Egelantier, een rederijkerskamer. Dit was een gezelschap voor allerlei schrijvers. Van gedichten tot toneelstukken. De leden van de Egelantier konden het niet eens worden over hun literaire discussies. Hierbij was de grootste discussie of schrijvers in het Nederlands of Latijn moesten schrijven. Bredero, Hooft en Coster waren van mening dat het goed zou zijn als er meer Nederlandse literatuur was. Zij verlieten daarom de rederijkerskamer en richtten de Nederduitsche Academie op.

De Nederduitsche Academie kreeg veel kritiek van de kerk. Hierdoor werd het moeilijker om mensen aan te trekken voor de lessen die ze gaven. Wel populair waren de toneelstukken. De kerk keurde ook deze toneelstukken af maar dat hield het publiek en de organisatie niet tegen. Zo werd de voornaamste functie van het gebouw eigenlijk een theater.

Maker: Philips Jacobsz., C. Verstegen, J.
Datering: 1617
Collectie: Collectie Atlas Splitgerber
Nummer: 010001000059

Trefwoorden

Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
cultuur
stadsontwikkeling
kunst