Plantage Jagtlust

Home / Bronnen / Plantage Jagtlust    |    Terug
Plantage Jagtlust
   
   
 
 
 

Tussen 1734 en 1747 werd Fort Nieuw Amsterdam gebouwd bij de samenstroom van de mondingen van de Commewijne en Surinamerivier. De benedenloop van de Surinamerivier kreeg zo een betere bescherming tegen indringers, waarna verschillende initiatieven werden ontplooid om plantages in cultuur te brengen. Voor de plantage ontwikkeld kon worden, moest de gouverneur van Suriname de grond uitgeven door middel van een zogenaamde 'warrand', voorzien van een meetbrief.

Plantage Jagtlust
Eén van de plantages die ontstond was Plantage Jagtlust. Op 31 december 1737 werd de warrand voor Jaglust uitgegeven. De volgende dag werd Jaglust in kaart gebracht voor de eigenaren Harmen Hendrik van de Poll en Frederik Berewout. De plantage werd uitgemeten en voorzien van nummers en tekens met een uitvoerige legenda. De grond bleek uitermate geschikt voor het planten van suikerriet.

Frederik Berewout
Frederik Berewout (1692-1777), één van de eigenaren van Jagtlust, was een belangrijke koopman in Amsterdam. Berewout was op veel manieren betrokken bij het reilen en zeilen van de Surinaamse plantages. Hij was bijvoorbeeld bewindhebber van de WIC en directeur van de Sociëteit van Suriname. Tevens was hij kerkmeester van de Westerkerk, directeur van de Groenlandse Visserij, koopman en importeur van West Indische suiker, reder van walvisvaartschepen en bankier. Naast Jaglust bezat Berewout nog meer plantages. Hij heeft echter nooit in Suriname gewoond en het is zelfs zeer de vraag of hij er ooit is geweest. 

Maker: Hendrik de Kocq
Datering: 1738
Collectie: 1455: Archief van de Bank Insinger en Co.
Nummer: A20115000003
Link: https://archief.amsterdam/inventarissen/inventaris/1455.nl.html#A20115000003
  Onderdeel van thema's
Trefwoorden

Geschiedenislokaal Amsterdam

Plantage Jagtlust

Tijdvak:


Omschrijving

Tussen 1734 en 1747 werd Fort Nieuw Amsterdam gebouwd bij de samenstroom van de mondingen van de Commewijne en Surinamerivier. De benedenloop van de Surinamerivier kreeg zo een betere bescherming tegen indringers, waarna verschillende initiatieven werden ontplooid om plantages in cultuur te brengen. Voor de plantage ontwikkeld kon worden, moest de gouverneur van Suriname de grond uitgeven door middel van een zogenaamde 'warrand', voorzien van een meetbrief.

Plantage Jagtlust
Eén van de plantages die ontstond was Plantage Jagtlust. Op 31 december 1737 werd de warrand voor Jaglust uitgegeven. De volgende dag werd Jaglust in kaart gebracht voor de eigenaren Harmen Hendrik van de Poll en Frederik Berewout. De plantage werd uitgemeten en voorzien van nummers en tekens met een uitvoerige legenda. De grond bleek uitermate geschikt voor het planten van suikerriet.

Frederik Berewout
Frederik Berewout (1692-1777), één van de eigenaren van Jagtlust, was een belangrijke koopman in Amsterdam. Berewout was op veel manieren betrokken bij het reilen en zeilen van de Surinaamse plantages. Hij was bijvoorbeeld bewindhebber van de WIC en directeur van de Sociëteit van Suriname. Tevens was hij kerkmeester van de Westerkerk, directeur van de Groenlandse Visserij, koopman en importeur van West Indische suiker, reder van walvisvaartschepen en bankier. Naast Jaglust bezat Berewout nog meer plantages. Hij heeft echter nooit in Suriname gewoond en het is zelfs zeer de vraag of hij er ooit is geweest. 

Maker: Hendrik de Kocq
Datering: 1738
Collectie: 1455: Archief van de Bank Insinger en Co.
Nummer: A20115000003
Link: https://archief.amsterdam/inventarissen/inventaris/1455.nl.html#A20115000003

Trefwoorden

Plantage