Verkoop etsplaat aan Samuel D'Orta

Home / Bronnen / Verkoop etsplaat aan Samuel D'Orta    |    Terug
Verkoop etsplaat aan Samuel D'Orta
   
   
 
 
 
 
 
Transcriptie
Op Huijden den seventhienden dagh der maendt Decem bris des Jaers sesthienhondert sevenendertich Sijn voor mij Benedict Baddel bij den hove van hollandt geadmitteerden openb[aer] not[ari]s t'Amsterdam residerende ende de naergenoem[de] getuijgen persoonl[ijck] gecompareert Outger Maertsz Groot oudt omtrent twintich Jaeren geboortich van Horen ende Dirck hendricksz oudt omtrent sesthien Jaeren geboortich van mij Notario voors wel bekent dewelcke ten versoucke van Samuel D'orta Portugeesch Schilder woonende binnen deser voors[chreven] [Stede bij ware Chri]stelijcke woorden ende in haarl[uijder] Conscientien in p[laetse] met belofte des noot ende v[er]socht [sijnde met] solemneelen Eede voor d'oprecht[e waerheijt] geattesteert getuijght ende vercla[ert hebben] dat op gisteren wesende den ses[thienden] deses des avonts sij getuijgen p[re]sent [sijn] geweest gehoort en gesien hebben [als] dat den Requirant tegens een[en] Reijnbrand van Rhijn mede schi[lder] woonende op de binnen Amstel deser voors[chreven] Stede tsijnen huyse [was] clagende dat hij van Rhijn met [den] Requirant niet wel gehandelt en [hadde] nopende seecker print represent[erende] Abraham ende Agar waervan [de] voors[chreven] van Rhijn hem de plaet ver[cocht] hadde onder conditie dat hij geen p[rinten] daervan behouden en hadde als t[wee] ofte drij die hij seijde voor hem selven ende sijne eijgene curieusheij[t] te wesen maer veel oft weijnich da[t] hij se aen niemant en soude vercoope[n] den voors[chreven] Reijnbrand van Rhijn daerop cla[erlijck] ende Reiterative toegestaen ende bekent heeft, dat hij hem belooft had[de] geen print daervan te vercoopen ende belooffde hem noch die hij hadd[e] wesende drij ofte vier d[er]selver printen niet te sulle[n] vercoopen waermede sij getuijgen hae[re] verclaringe besluijtende sustineerd[en] deselve naer prelectie waerachtic[h] te sijn Consenterende etc. Aldus gedaen binnen deser voors[chreven] stede van Amsterda[m] ten huijse ende schrijffcomptoire mijns Notarij voors[chreven] ter p[rese]ntie van Philips Venturin mede not[ari]s pub[licq] alhier ende Cornelis Vee[n]

Bedrog?

Samuel D'Orta was een Portugees joodse schilder en kunsthandelaar in Amsterdam. Hij vertrouwde Rembrandt niet helemaal. Rembrandt had hem de drukplaat van zijn ets 'Abrahams verstoting van Hagar en Ishmael' verkocht. Hij had beloofd er zelf geen afdrukken meer van te verkopen; hij bewaarde er alleen een paar voor zichzelf. Maar D'Orta was bang dat Rembrandt zich niet aan zijn woord hield. Op 17 december 1637 nodigde hij de kunstenaar en een stel getuigen bij hem thuis uit. Hij liet Rembrandt nogmaals verklaren dat hij de etsen niet zou verkopen. De getuigen, Outger Groot en Dirck Hendricksz, stuurde hij de volgende dag naar notaris Benedictus Baddel. Die tekende hun verklaring op.

Handelswaar

Samuel D'Orta was zelf schilder, maar hij handelde ook in werken van collega's. Dat was in die tijd heel gebruikelijk; Rembrandt deed het zelf ook. Rembrandt was in 1637 al een bekende kunstenaar en D'Orta hoopte een flinke winst te maken met de verkoop van 'echte Rembrandts'. Maar de waarde van de etsen zou natuurlijk behoorlijk dalen, als Rembrandt ze zelf ook zou blijven verkopen.

Brand

Bij een brand in het stadhuis, in 1762, raakte het boek met de verklaring van Outger en Dirck beschadigd. Het was daardoor moeilijk te raadplegen, en het document werd pas in 1976 gevonden. Delen van de tekst zijn door de brandschade onleesbaar, maar ze kunnen wel worden aangevuld.

Datering: 1637-12-17
Collectie: 5075: Archief van de Notarissen ter Standplaats Amsterdam
Nummer: 44: Benedict Baddel, 951.
Link: https://archief.amsterdam/inventarissen/inventaris/5075.nl.html
  Onderdeel van thema's

Geschiedenislokaal Amsterdam

Verkoop etsplaat aan Samuel D'Orta

Tijdvak: De tijd van regenten en vorsten (1600-1700)


Omschrijving

Bedrog?

Samuel D'Orta was een Portugees joodse schilder en kunsthandelaar in Amsterdam. Hij vertrouwde Rembrandt niet helemaal. Rembrandt had hem de drukplaat van zijn ets 'Abrahams verstoting van Hagar en Ishmael' verkocht. Hij had beloofd er zelf geen afdrukken meer van te verkopen; hij bewaarde er alleen een paar voor zichzelf. Maar D'Orta was bang dat Rembrandt zich niet aan zijn woord hield. Op 17 december 1637 nodigde hij de kunstenaar en een stel getuigen bij hem thuis uit. Hij liet Rembrandt nogmaals verklaren dat hij de etsen niet zou verkopen. De getuigen, Outger Groot en Dirck Hendricksz, stuurde hij de volgende dag naar notaris Benedictus Baddel. Die tekende hun verklaring op.

Handelswaar

Samuel D'Orta was zelf schilder, maar hij handelde ook in werken van collega's. Dat was in die tijd heel gebruikelijk; Rembrandt deed het zelf ook. Rembrandt was in 1637 al een bekende kunstenaar en D'Orta hoopte een flinke winst te maken met de verkoop van 'echte Rembrandts'. Maar de waarde van de etsen zou natuurlijk behoorlijk dalen, als Rembrandt ze zelf ook zou blijven verkopen.

Brand

Bij een brand in het stadhuis, in 1762, raakte het boek met de verklaring van Outger en Dirck beschadigd. Het was daardoor moeilijk te raadplegen, en het document werd pas in 1976 gevonden. Delen van de tekst zijn door de brandschade onleesbaar, maar ze kunnen wel worden aangevuld.

Datering: 1637-12-17
Collectie: 5075: Archief van de Notarissen ter Standplaats Amsterdam
Nummer: 44: Benedict Baddel, 951.
Link: https://archief.amsterdam/inventarissen/inventaris/5075.nl.html