Slavernij

Home / Thema's / Slavernij    |    Terug

De West-Indische Compagnie en het begin van de transatlantische slavenhandel
In het jaar 1621 werd de West-Indische Compagnie (WIC) opgericht in de Republiek der Zeven verenigde Nederlanden.* Dit jaar was tevens het begin van de inmenging van de Republiek in de slavenhandel. In eerste instantie trokken de WIC-schepen er veelal op uit om oorlog te voeren met Spanje en Portugal en om hun schepen te kapen. Daarnaast veroverde de WIC grote delen land in Zuid-Amerika, het Caraïbisch gebied en Afrika. Dit werden koloniën en handelsposten van de Republiek. In de koloniën werden plantages gesticht, waarvoor arbeidskrachten nodig waren. Aan arbeidskrachten was een gebrek, waardoor de Republiek zich mengde in de trans-Atlantische slavenhandel.

Amsterdam en slavernij
De stad Amsterdam was vanaf het begin van de zeventiende eeuw tot en met de (gedeeltelijke) afschaffing van de slavernij in 1863 nauw betrokken bij de slavenhandel en slavernij in West-Indië. Amsterdam was de belangrijkste zetel van de WIC en de stad was mede-eigenaar van de Sociëteit Suriname. Daarnaast waren talloze Amsterdammers direct of indirect bij de slavenhandel betrokken. Deze betrokkenheid heeft zijn sporen nagelaten in de archieven.

Afschaffing van de slavernij
Aan het einde van de achttiende eeuw veranderde de Europese houding ten aanzien van slavernij. In veel landen kwam het abolitionistische bewegingen op. Deze bewegingen streefden naar de afschaffing van de slavernij. Denemarken was in 1803 het eerste land dat de slavernij afschafte. Vervolgens verbood Engeland in 1807 de slavenhandel en in 1834 de slavernij. Nederland was hiermee een stuk later. In 1860 werd een wet aangenomen waarmee de slavernij in West-Indië werd afgeschaft. De wet trad op 1 juli 1863 in werking. Dit betekende echter nog niet het definitieve einde van de slavernij. Plantagehouders werden financieel gecompenseerd - zij ontvingen 300 gulden per vrijgelatene - terwijl de voormalig tot slaaf gemaakten werden verplicht om nog tien jaar in loondienst te blijven werken.

Slavernij in Oost-Indië   
Ook in Oost-Indië (Indonesië) was sprake van slavernij. De slavenhandel en slavernij waren hier in bepaalde periodes omvangrijker dan in West-Indië. Op 1 januari 1860 schafte Nederland de slavernij in de onder direct bestuur staande delen van Oost-Indië af. Hoewel de slavernij officieel was afgeschaft, bleef het in de praktijk bestaan tot de eerste decennia van de twintigste eeuw.

Doel van dit thema
Het doel van dit thema is om kennis te maken met de geschiedenis van de slavernij in relatie tot de stad Amsterdam. De gebruikte bronnen, onder andere plantage-inventarissen, ooggetuigenverslagen van mishandelingen, notariële aktes en brieven - geven een overzicht van deze geschiedenis en werpen een blik op verschillende thema's binnen de geschiedenis van de slavernij.

*De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden is een voorloper van het huidige Koninkrijk der Nederlanden. De Republiek werd opgericht in 1588 en werd in 1795 - nadat erfstadhouder Willem V naar Engeland vluchtte - opgevolgd door de Bataafse Republiek.

 

Geschiedenislokaal Amsterdam

Slavernij

Omschrijving

De West-Indische Compagnie en het begin van de transatlantische slavenhandel
In het jaar 1621 werd de West-Indische Compagnie (WIC) opgericht in de Republiek der Zeven verenigde Nederlanden.* Dit jaar was tevens het begin van de inmenging van de Republiek in de slavenhandel. In eerste instantie trokken de WIC-schepen er veelal op uit om oorlog te voeren met Spanje en Portugal en om hun schepen te kapen. Daarnaast veroverde de WIC grote delen land in Zuid-Amerika, het Caraïbisch gebied en Afrika. Dit werden koloniën en handelsposten van de Republiek. In de koloniën werden plantages gesticht, waarvoor arbeidskrachten nodig waren. Aan arbeidskrachten was een gebrek, waardoor de Republiek zich mengde in de trans-Atlantische slavenhandel.

Amsterdam en slavernij
De stad Amsterdam was vanaf het begin van de zeventiende eeuw tot en met de (gedeeltelijke) afschaffing van de slavernij in 1863 nauw betrokken bij de slavenhandel en slavernij in West-Indië. Amsterdam was de belangrijkste zetel van de WIC en de stad was mede-eigenaar van de Sociëteit Suriname. Daarnaast waren talloze Amsterdammers direct of indirect bij de slavenhandel betrokken. Deze betrokkenheid heeft zijn sporen nagelaten in de archieven.

Afschaffing van de slavernij
Aan het einde van de achttiende eeuw veranderde de Europese houding ten aanzien van slavernij. In veel landen kwam het abolitionistische bewegingen op. Deze bewegingen streefden naar de afschaffing van de slavernij. Denemarken was in 1803 het eerste land dat de slavernij afschafte. Vervolgens verbood Engeland in 1807 de slavenhandel en in 1834 de slavernij. Nederland was hiermee een stuk later. In 1860 werd een wet aangenomen waarmee de slavernij in West-Indië werd afgeschaft. De wet trad op 1 juli 1863 in werking. Dit betekende echter nog niet het definitieve einde van de slavernij. Plantagehouders werden financieel gecompenseerd - zij ontvingen 300 gulden per vrijgelatene - terwijl de voormalig tot slaaf gemaakten werden verplicht om nog tien jaar in loondienst te blijven werken.

Slavernij in Oost-Indië   
Ook in Oost-Indië (Indonesië) was sprake van slavernij. De slavenhandel en slavernij waren hier in bepaalde periodes omvangrijker dan in West-Indië. Op 1 januari 1860 schafte Nederland de slavernij in de onder direct bestuur staande delen van Oost-Indië af. Hoewel de slavernij officieel was afgeschaft, bleef het in de praktijk bestaan tot de eerste decennia van de twintigste eeuw.

Doel van dit thema
Het doel van dit thema is om kennis te maken met de geschiedenis van de slavernij in relatie tot de stad Amsterdam. De gebruikte bronnen, onder andere plantage-inventarissen, ooggetuigenverslagen van mishandelingen, notariële aktes en brieven - geven een overzicht van deze geschiedenis en werpen een blik op verschillende thema's binnen de geschiedenis van de slavernij.

*De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden is een voorloper van het huidige Koninkrijk der Nederlanden. De Republiek werd opgericht in 1588 en werd in 1795 - nadat erfstadhouder Willem V naar Engeland vluchtte - opgevolgd door de Bataafse Republiek.

 

Trefwoorden

De tijd van regenten en vorsten (1600-1700)